Familie

Familie 

In 1943, ik was een meisje van net 4 jaar oud, moesten mijn ouders mij achterlaten. Door de nazi’s werden zij de dood ingestuurd. Mijn vader stapte uit in Kamp Maidaneck en mijn moeder vertrok vanuit Sobibor. Een Pools gezin nam mij in huis. Mijn nieuwe ‘oom’ was houtvester en mijn nieuwe ‘tante’ werkte in de plaatselijke wasserij. Op hun manier waren zij heel goed voor mij. Door de week ging ik naar bewaar­school, op zondag mocht ik mee naar de kerk. Voorjaar 1945 werd ons stadje bevrijd door Geallieerde troepen. Toen was ik 6 jaar. Heel lang heb ik gewacht op mijn familie. Overal heb ik gezocht. Soms ging ik het bos in en riep urenlang de namen van mijn ouders. Nooit heb ik antwoord gekregen. Later stuurden oom en tante mij met een jeugd­beweging naar Israël.

Een paar jaar geleden, ik was nog steeds op zoek naar mijn familie , kwam ik bij AMCHA terecht. Daar groeide ik pas echt op. Zo begon ik te schrijven. Eerst mijn biografie, daarna het levensverhaal van een neef en enkele korte verhalen. Nooit heb ik geweten, dat ik kon schrijven. Mijn groep bij AMCHA zie ik als mijn familie. Iedere week is een nieuwe ontmoeting met mijn familie. Vandaag kijk ik alweer uit naar de volgende ontmoeting.

Elly